Samenvattingen

 

Korte samenvatting

Woord, Rijk en schepping vormen samen de driedelige werkelijkheid waarin Adam een plaats kreeg. Die plaats laat de taak van de mens zien; hij kreeg drie ambtsgebieden: profeet (leven vanuit het Woord), priester (God dienen met de schepping) en koning (met God regeren in Zijn Rijk). Met behulp van deze driedeling zijn we in staat duidelijk te omschrijven waar het in de zondeval om ging. Ook kunnen we dan de zonde goed onderscheiden van de vloek in Gen. 3. Dit bepaalt weer de visie op de verhouding tussen zonde en ziekte. Het verscherpt ook onze blik op de werking van de zonde op de driedelige werkelijkheid (Woord, Rijk en schepping) en daarmee samenhangend op de drie ambtsgebieden (profeet, priester en koning).

Tenslotte wordt de benadering van Woord, Rijk en schepping vergeleken met het natuur-genade-schema en de daarvan afgeleide visies. Dit heeft weer consequenties voor de leer van de algemene weerhouding en ook voor het ambtsherstel van Gods kind in de huidige bedeling.

 

Uitgebreidere samenvatting

De werkelijkheid waarin Adam bij zijn schepping werd geplaatst en een taak (ambt) kreeg wordt volledig getypeerd door Rijk, Woord en schepping. Het driedelig ambt van profeet, priester en koning weerspiegelt deze driedeling, want Adam kreeg drie werkterreinen of ambtsgebieden: als koning heersen met God, als profeet het Woord bewaren en als priester de schepping ‘opdragen’ aan de Schepper. In de Inleiding (Hoofdstuk 1) wordt de driedeling kort omschreven. Deel 1 definieert en fundeert deze drie terreinen eerst samen en vervolgens afzonderlijk. Daardoor zijn we beter in staat in Deel 2 de ernst en omvang van de zondeval te beschrijven. Bovendien wordt dan het karakter van de vloek in Gen. 3 duidelijk: deze is nl. een door God opgelegde straf aan de mensheid. Dit onderscheid tussen zonde en vloek verheldert de visie op de ziekte. Deel 3 laat iets zien van de doorwerking van de zonde: deze is vaak zo wijd vertakt en onopvallend dat we daaraan gewend dreigen te raken. Die doorwerking wordt gesignaleerd op de drie genoemde terreinen. In Deel 4 vindt confrontatie plaats van het gereformeerde geloofskader met andere kaders, met name met het natuur-genade-schema en het daarmee samenhangende schema inwendig-uitwendig. Eerstgenoemd schema blijkt tot op vandaag invloed te hebben en deze blijkt onder meer uit de leer van de algemene creationele weerhouding. Afgesloten wordt met de behandeling van ons huidige driedelige ambt, dat nog sterk wordt bepaald door de strijd tegen de zonde.